Monoloog: Verloren Liefde

So this is a monologue that I wrote today, for a friend. Since I wrote it only today, it’s still completely in Dutch, and I’m going to finish the “Bitterzoet Prachtig” translation text first. It’s called “Bittersweetly Beautiful” in English and it tells the story of a very special couple. I got my inspiration by the “Love the way you lie” songs (part 1 & part 2), so you already have an idea what it’s about. So first I’m going to finish the translation of that text, and then I’ll do my best to translate this one, the monologue, but since it’s quite long, and hard for me translate every sentence from Dutch to English -yes, I do it all by myself, no help from Google translate or such- it might take a while. In the meantime of course, I’ll still be posting texts, feelings, … and of course, for our friends in America, United Kingdom, Australia, Indonesia, India, … I’ll post it in English, so you guys will be able to read it too 🙂 For the Dutch people, here’s the monologue. Hope you’ll enjoy it!

 

Het was een koude winterdag. Ik wandelde buiten door de amper verlichte straten, mijn adem vormde wolkjes terwijl ik stapte. Bar koud was het, ik voelde het aan mijn handen, de manier waarop ze bevroren, hard werden, amper flexibel. 

Ik dacht terug aan hoe het allemaal misgegaan was. Het was nochtans zo’n prachtig verhaal geweest in het begin.

We hadden elkaar drie jaar geleden leren kennen, het was liefde op het eerste gezicht geweest. In een drukke bar had ik zijn blik gezien, komende van de overkant van de ruimte. Vriendinnen hadden me gemeld dat hij al een tijdje naar mij stond te kijken. Ik keek naar hem, en glimlachte. De mooiste glimlach die ik tevoorschijn kon toveren.

Het had gewerkt, want hij was naar me toe gekomen. Hij had zich voorgesteld als William, en gezegd dat ik hem meteen al opgevallen was. Dat ik over een onwaarschijnlijke schoonheid beschikte. Je kan al raden dat ik toen al meteen verloren was. Het feit dat hij razend knap was had daar ook misschien wel iets mee te maken.

We raakten aan de praat, en bleven aan de praat voor de rest van de avond. Toen de nacht al over begaan in vroege ochtend besloten we om beiden naar ons eigen bed terug te keren, na telefoonnummers te hebben uitgewisseld.

Achteraf spraken we nog een paar keer af en het duurde niet lang of we begonnen een relatie. Het was perfect, alles was perfect. Ieder weekend hadden we één dagje dat speciaal gereserveerd was voor ons tweetjes. Dan deden we dingen samen, zoals naar zee gaan, naar de film gaan en gaan eten, gaan shoppen voor nieuwe kleren -soms ook wel wat pikante lingerie-, wellness … noem het maar op. Die dag was dan speciaal voor ons.

Aangezien alles zo goed en vlotjes verliep, besloten we ook al vrij snel om samen te gaan wonen. De mooiste dag uit mijn leven. Het was magisch om samen met hem die dozen uit te mogen pakken, om zijn spullen in de kast naast de mijne te zien. Iedere dag, iedere nacht, … was perfect, zolang we maar samen waren. Verliefd tot over onze oren. Ergens wist ik wel dat dat geluk niet voor eeuwig kon blijven duren, perfectie duurt nooit lang. En het was gewoon gedoemd om ooit fout te gaan maar toch.. niet zo, niet zo snel al.

Op een dag kwam ik thuis en trof hem bewusteloos in de zetel aan. Ik schudde hem, in een poging om hem wakker te krijgen, toen dat gelukt was en hij ontwaakte werd mij al snel duidelijk dat hij gedronken had, en veel. Ik voerde hem meteen naar het ziekenhuis, omdat ik niet zeker wist hoe hij er aan toe was. Pas toen ik nadien terug thuis kwam zag ik overal de flessen wodka, whisky en jenever liggen. Ik vond zelfs een tabletje slaappillen en pijnstillers onder de zetel. Ik weet nog altijd niet of hij ze daar express verstopt had, of of ze daar bij toeval onder waren geschoven. 

De dokter deelde mij mee dat het niet al te ernstig was, maar dat het goed was dat ik meteen naar het ziekenhuis gegaan was. Dat het beter was om preventief te zijn dan het te laten wachten en op het beste te hopen. Toch wou hij William graag een nacht ter observatie in het ziekenhuis houden, omdat ze niet zeker waren hoeveel pillen hij geslikt had en ze geen risico’s wouden lopen. 

De volgende dag kwam hij naar huis, nu hij terug in orde was kon ik het hem eindelijk vragen. Wat hem had bezield om dat te doen. Hij vertelde me dat hij ontslagen was, zonder geldige reden, iets met een collega die hem had laten opdraaien voor de fout die hij zelf gemaakt had. Maar natuurlijk was die collega het zoontje van de grote baas, en kon die dus onmogelijk in fout zijn geweest. Waardoor ze William dan maar op straat hadden gezet. Hij zou zijn laatste loon voor zijn laatste uren nog uitbetaald krijgen en dat was het dan.

Het was een enorme klap voor ons, want ikzelf was ook maar secretaresse bij een kleine zelfstandige en verdiende zelf amper genoeg om ons rond te helpen komen. En nu viel zijn financiële gedeelte dan nog weg ook.

Ik vertelde hem dat we wel een oplossing zouden vinden, dat we ons wel zouden redden, zoals we dat altijd al gedaan hadden.

Hij gaf de moed niet meteen op en zocht intensief naar nieuw werk, maar aangezien hij enkel een middelbare school diploma van BSO had, ging dat niet echt vlot. 

Hij was bouwvakker van opleiding, maar de markt voor bouwvakkers was slecht tegenwoordig, en er waren er al te veel. Waardoor er nog meer mensen werkloos achterbleven. Ook William.

De rekeningen begonnen zich op te stapelen, en hij begon meer en meer te drinken.

Het werd een heuse verslaving, en telkens als ik ‘s avonds uitgeput en kapot thuis kwam van het werk, lag hij dronken in de zetel. Als ik hem dan wakker maakte werd hij agressief. Soms sloeg hij mij. En hij sloeg hard. Achteraf , als hij terug nuchter was, schrok hij dan zelf van wat hij mij aangedaan had. Dan kustte hij mijn blauwe oog, streelde liefdevol over mijn dikke blauwe wang, of kustte mijn gebarsten lippen. En zo ging het een tijdje door. Ik hield van hem, en had medelijden met hem, want hij probeerde echt, maar de wereld kan hard zijn. En de wereld was hard voor ons. Onze liefde werd zwaar op de proef gesteld. Uiteindelijk begonnen de momenten dat hij nuchter was te minderen, en de slagen en agressie werden alleen maar erger. Op een dag had hij mij zo hard aangepakt, dat ik voor een paar dagen in het ziekenhuis was beland. De politie was mij komen bezoeken, en ze hadden vragen gesteld, omdat het ziekenhuis hun op de hoogte gebracht van mijn uiterst verontrustende verwondingen. Ziekenhuispersoneel hadden ook oudere littekens van verwondingen gezien. Ik had gezwegen tegen de politie, hen verteld dat ik gewoon erg onhandig en lomp ben en constant wel ergens tegen loop. Natuurlijk geloofden ze er niets van, dat kon ik in hun ogen zien. Maar zolang ik geen getuigenis aflegde, konden ze niets meer doen. Ze raadden mij wel aan om bij een therapeut ter rade te gaan, maar ik wuifde het goedbedoelde voorstel weg. Ik zei dat ik ok was. Maar dat was ik natuurlijk niet. Ik was diep gekwetst, vernederd. En ik had er genoeg van.

William zelf was mij ook één keer komen bezoeken, en deed alsof er niets aan de hand was. Wat mij alleen nog maar kwader maakte. Ik zei hem dat ik er genoeg van had, dat dit zijn schuld was, dat ik het beu was dat hij constant dronken en agressief was. Genoeg van dit alles. Genoeg van ons, of toch van de versie die we geworden waren. Hij negeerde mijn woorden, en bleef doen alsof alles ok was. 

Het was toen dat ik het besefte, ik moest hem verlaten. Weggaan. Een nieuw leven beginnen, nu ik nog kon. Mijn hart brak toen ik mij dit realiseerde, maar ik besefte dat het moest. Of ik zou er uiteindelijk zelf ten onder aan gaan. Dit leven verder leven zou mij verwoesten. 

Van zodra ik ontslagen was uit het ziekenhuis ging ik naar huis en begon mijn spullen in te pakken. William was niet thuis, want ik wist dat hij overdag de hele dag op café zat. Eens mijn spullen ingepakt waren, schreef ik hem een briefje, om nog eens uit te leggen dat het gedaan was tussen ons, en de redenen waarom. Misschien dat hij het nu wel zou begrijpen. Ik sloot de deur achter me en vertrok.

Deze herinneringen kwamen terug in me op terwijl ik door de koude wandelde, op weg naar het kleine appartementje waar ik mijn intrek genomen had nadat ik William had verlaten. Hij had mij nog een paar keer gebeld, tot ik uiteindelijk mijn nummer veranderde.

Ik wreef mijn handen tegen elkaar in een poging om ze te verwarmen, terwijl ik vooruit 

keek. Ik zag een lichtje aan het einde van de donkere straat. Een symbool voor de toekomst die mij te wachten stond. Ik was er klaar voor.

 

Image

Advertisements

Feel Free To Leave A Comment

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s